Dit zijn de 4 stadia van de ‘twin fight’ (plus 7 oplossingen)

Als je je ouders, verjaardag, vrijwel al je speelgoed en de schoot van je moeder moet delen, dan kan dat tot frustratie leiden. Herkennen jullie deze 4 stadia van de ‘twin fight’?

Tweelingen kunnen onderling een heel sterke band hebben, maar daardoor ook intens ruziemaken - het zogenaamde Tweeling Escalatie Syndroom. Bij mijn eigen kinderen verschilden de ruzies per fase qua intensiteit:

1.     De babystrijd. Baby’s ruziën nog niet, maar ze kunnen elkaar wel in de weg zitten. Ze sabbelen op elkaars vingers, maar prikken soms ook per ongeluk in elkaars oog. Vanaf zes maanden kunnen er kleine ruzietjes ontstaan. De een trekt bijvoorbeeld de speen uit de mond van de ander, en observeert vervolgens geamuseerd zijn of haar brullende tweelingbroer-/zus. De babystrijd leidde er bij ons toe dat we algauw twee boxen aanschaften, die we tegen elkaar aan zetten. Zo konden ze wél naar elkaar kijken ter vermaak, maar elkaar geen pijn doen.

2.     De dreumesstrijd. De dreumesstrijd begint schattig, met hier en daar een omver geduwde dreumes, maar worden je dreumesen sterker, en hebben ze een pittig temperament, dan kan het er wild aan toegaan. Bijten, duwen, elkaar met speelgoed op het hoofd slaan – alles lijkt geoorloofd in de strijd van de dreumes.

3.     De peuterstrijd. Het kan er nog steeds fel aan toegaan in de peutertijd, maar het bijten wordt waarschijnlijk alleen nog ingezet in uiterste noodgevallen. Bovendien kun je peuters leren om daarna sorry te zeggen. Hoe beter je kinderen zich kunnen uitdrukken, hoe minder er gevochten zal worden. Of misschien wordt er nog wel gevochten, maar zijn ze wel eerder voor rede vatbaar als je tussenbeide komt. De ruzies kunnen ook iets komisch’ krijgen. Bij ons thuis speelt regelmatig het conflict: ‘Het is míjn schuld.’ ‘Nee, het is míjn schuld.’ ‘Nee, het is míjn schuld,’ enzovoort.

4.     De strijd om zich te onderscheiden van de ander. Dit is niet echt een strijd, maar meer een worsteling, en het verschilt per kind wanneer deze begint (en waarschijnlijk komen de ruzies van punt 1 t/m 3 deels ook voort uit deze worsteling). Hoe dan ook zal je tweeling er op een gegeven moment achter komen dat ze niet samen één persoon zijn, en zullen ze zich meer gaan onderscheiden van elkaar. Bij twee-eiige tweelingen komt deze fase waarschijnlijk eerder dan bij een-eiige tweelingen. Bij ons begon het rond de 3,5. Er kan ineens veel nadruk worden gelegd op de verschillen en daar kan dan ook weer ruzie over ontstaan. ‘Ik ben de oudste.’ ‘Nee, ik ben de oudste.’ ‘Nee, ik ben de oudste. Jij bent de grootste.’ Et cetera.

 En dit kun je doen als ouders als de strijd losbarst:

 1.     Ga met ze naar buiten. Niets kan zo helend werken als frisse lucht en een andere omgeving. Buitenlucht en de buitenwereld zijn bij ons thuis een waar wondermiddel. Er is afleiding, je kinderen kunnen hun energie kwijt en tot op zekere hoogte zijn ze zich misschien ook bewust van mogelijk publiek. Soms wordt er nog geruzied terwijl ik mijn kinderen al brullend of tierend in de bakfiets zet (die binnen staat); op het moment dat ik de fiets naar buiten rijd, zijn ze als bij toverslag stil. Er zijn fasen geweest die we vrijwel volledig buitenshuis doorbrachten. Je riskeert dan wel een driftbui en plein public, maar alles beter dan binnen zitten, was mijn redenering.

2.     Laat ze allebei hun zegje doen. Kunnen ze al praten, luister dan naar beide kanten van het verhaal. Als niet duidelijk is wie er begonnen is, laat ik ze gelijktijdig sorry zeggen. ‘Ik tel tot drie en dan zeggen jullie allebei sorry’ haalt hier meestal de spanning wel uit de lucht.

3.     Haal ze uit elkaar. Maken ze het echt te bont, dan kun je ze tijdelijk uit elkaar halen. Je kunt de ergste ordeverstoorder een time-out geven, de kans is groot dat ze het dan allebei gauw willen oplossen. Allebei in een andere kamer laten spelen (of slapen) werkt hier ook goed. Waarschuwen dat je ze uit elkaar haalt als ze niet rustig worden, helpt bij ons trouwens ook.

4.     Blijf kalm. Zelf het goede voorbeeld geven en te allen tijde rustig blijven, is natuurlijk het best, maar wat nou als je de wanhoop nabij bent? Werkt er echt helemaal niets, dan geef ik mezelf een time-out. Gewoon even uitblazen in een andere ruimte tot ik weer kalm genoeg ben om een oplossing te verzinnen. Dat vinden ze dan weer reuze gek en alleen daarom zijn ze vaak al op slag rustig.

5.     Plan op tijd rust in. De hele dag samen spelen, kost veel energie, dus plan een rustige activiteit in op de moeilijke momenten van de dag. Werkt hier ook goed ter afleiding om bijna-ruzies de kop in te drukken. Voorlezen werkt hier eigenlijk áltijd en anders wil kleien, tekenen of in bad gaan ook nog weleens helpen. Of een filmpje kijken.

6.     Zet een wekker. ‘Om de beurt’ is een moeilijk concept voor peuters, want hoe weet je nou of je ooit weer aan de beurt komt? Wij zetten daarom een wekker als er geruzied wordt om een bepaald stuk speelgoed. Ze mogen er dan om beurten drie minuten mee spelen. Je kunt ook het felbegeerde speeltje een ‘time-out’ geven tot ze gekalmeerd zijn.

7.     Geef ze individuele aandacht. Het beste medicijn tegen tweelingruzies is je kinderen regelmatig individuele aandacht te geven, volgens tweelingexpert Coks Feenstra. Dat kan in de praktijk nog best lastig zijn, maar het hoeven maar korte momenten te zijn die makkelijk zijn in te passen in de dag. Zo vindt bij ons thuis een van de twee het leuk om te helpen met koken en boodschappen doen, en mag de ander graag nog af en toe naast ons slapen. We proberen ook in het weekend beiden wat alleen-tijd met ze te creëren. Als ik met een van de twee ergens ga koffiedrinken, bewaart ze standaard een koekje of chocolaatje om thuis aan haar zus te geven. Want het mag dan af en toe haat-liefde zijn, het is toch voornamelijk heel veel liefde.  

P.S. Op de foto: geen echte ruzie, maar een speelse ruzie tussen onze kinderen, in Berlijn.

(Bronnen: Coks Feenstra, Het grote tweelingenboek. Opvoeden van meerlingen vanaf zwangerschap tot volwassenheid, Ad Donker, 2017, parenting.firstcry.com/articles/dealing-with-fighting-between-twin-children/, drbarbaraklein.squarespace.com/why-do-twins-fight/)

LEES OOK: Waarom je met een tweeling 3x zo druk bent

Janneke Jonkman

Janneke is het gezicht achter My Little Dutch Diary en schrijver van onder meer 'O jee, het zijn er twee'. Sommige van deze blogs verschenen eerder op Mynd of Me-to-We.

O jee, het zijn er twee

Hét boek voor beginnende en ervaren tweelingmoeders, vol ontroerende verhalen en handige tips. 

Hierna lezen:

Ik deed een week zonder Whatsapp, Facebook, Instagram en tv - en DIT gebeurde er